Zes ontwerpprincipes die het verschil maken tussen een woning en een thuis.
Contactgeluidsisolatie tussen alle woningen, zachte plafonds en textiel in de gangen. Geen galm, geen buren die je hoort lopen.
Zoveel mogelijk daglicht, dimbaar kunstlicht zonder flikkering, geen tl. Elke ruimte apart regelbaar.
Rustige, matte tinten. Geen hoogglans, geen drukke patronen, natuurlijke materialen waar het kan.
Elke gemeenschappelijke ruimte heeft een tweede uitgang en een rustige nis, zodat je nooit vastzit in een situatie.
Van luid naar stil: horeca en entree aan de straat, werkplaatsen in het midden, wonen aan de rustige kant.
Jij bepaalt wie er binnenkomt en wanneer. Zeggenschap over je eigen prikkels is geen gunst maar het uitgangspunt.
Vier intensiteiten. De balk laat zien hoeveel begeleiding erbij hoort — van dag en nacht nabij tot een gesprek per week.
Dagstructuur, persoonlijke verzorging, hulp bij spanning en gedrag.
Vaste begeleidingsmomenten. Ondersteuning bij financiën, huishouden en afspraken.
Oproepbaarheid via de app, en meedoen aan het programma wanneer je wilt.
Tijdelijk verblijf in het oefenappartement: zelfstandig wonen uitproberen, met een vangnet.
Wie van intensief naar licht beweegt, maakt een plek vrij en laat zien dat het werkt. Wie terugvalt, verliest zijn woning niet.
Wie minder zorg nodig heeft, houdt zijn woning. Wie van zorgverlener wisselt, hoeft niet te verhuizen. De kale huur blijft bewust onder de huurtoeslaggrens, zodat wonen betaalbaar is op een Wajong-uitkering.
Dat is geen praatje: gemeenten en financiers vragen ons letterlijk om aantallen. Je zit nergens aan vast en er volgt geen intake.